|
|
|
||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||
|
Libre (vrij spel) |
|||||||||||||||||||
Dit spel is, hetgeen reeds uit de naam blijkt, aan geen beperkende bepalingen onderworpen. De bedoeling is om door met de speelbal de beide andere ballen te raken en zo een punt ("carambole") te maken.
Dit kan direct of over één of meer banden.
Bij officiële wedstrijden worden, in de hogere klassen (Aker - kaderspel), in de vier hoeken door een krijtlijn driehoeken afgebakend.
Binnen
deze driehoeken (grote tafel: 71 x 36 cm., kleine tafel 17 x 17 cm. en voor de
hoogste klassen op de kleine tafel 57 x 29 cm.) geldt de volgende regel:
Wanneer beide te raken ballen binnen een van deze driehoeken komen te liggen,
meldt de arbiter "entré".
De speler mag dan gewoon deze carambole maken, maar liggen de beide te raken ballen hierna zich nog binnen deze driehoek bevinden, "dedans", moet bij de volgende carambole één der ballen het vak verlaten.
Deze
mag echter wel
weer in het zelfde vak terugkomen.
Wanneer een van de ballen uit het speelveld gestoten word of bij vastliggen van
de speelbal tegen één of beide andere ballen, worden op het grote biljart de
ballen in de aanvangspositie ("acquitstoot") geplaatst.
Op klein biljart mag men bij het vastliggen van de ballen ook van de vastliggende bal afspelen, echter zonder dat de vastliggende bal bewogen wordt. Dit mag ook door middel van een "piqué stoot".
De globale spelregels zijn:
Begin van een partij
Volgens de spelregels moet men voor de afstoot 'trekken' om te bepalen wie de
aanvangsstoot moet doen.
De twee witte ballen
worden door de arbiter op de "afstootlijn" gelegd.
Beide spelers stoten nagenoeg gelijk, ieder met een witte bal, naar de korte
bovenband. De speler van wie de bal het dichtst bij de korte benedenband
terechtkomt, mag kiezen wie er het spel gaat beginnen
De biljarter die de acquitstoot neemt speelt met de ongemerkte witte bal, zijn
tegenspeler de gemerkte witte of gele bal.
Voor de afstoot worden de ballen als volgt neer gelegd.
De rode bal op het
boven middenstip, de gemerkte of gele bal van de tegenstander op de onderste
middenstip en de eigen speelbal (de ongemerkte bal) naar keuze op de stip links
of rechts hiervan.
De speler die de partij niet begint, heeft aan het eind van de partij recht op
de zogenaamde gelijkmakende beurt. Heeft de speler die het eerst is begonnen als
eerste zijn aantal punten gemaakt, dan krijgt zijn tegenstander de nastoot,
omdat hij een beurt minder heeft gehad. In dat geval worden de ballen voor hem
op de "acquits" gelegd.
Carambole
De speler moet met zijn bal de beide andere ballen raken. Dat noemen we een
carambole. Hij mag doorspelen zolang hij caramboles blijft maken. Lukt dat niet,
dan is de tegenspeler aan stoot.
Men mag niet verder spelen of een reeds gemaakte carambole tellen, als men
stootte vóór alle ballen stil lagen.
Bij het stoten moet de speler minstens de tenen van één voet op de grond houden.
Speelt men met de verkeerde bal, dan is de gemaakte carambole niet geldig en
gaat de tegenstander met de dezelfde bal verder.
Als in een wedstrijd een van de spelers tot op vijf caramboles van het einde van
de partij is gekomen, zal de arbiter dit bekend maken door "en nog vijf" te
roepen.
Indien één of meerdere ballen het speelveld verlaten
Als een van de drie ballen van het biljart wordt gestoten of de houten
omlijsting raakt, wordt dit als een fout beschouwd. Is een bal buiten het
biljart beland na het caramboleren, dan wordt de carambole als ongeldig
beschouwd. Deze regel geldt ook als een bal slechts over de rand rolt en daarna
terugkeert op het biljart. Uw beurt is voorbij en uw tegenspeler moet met de
acquitstoot beginnen.
Touché
Onder toucheren verstaat men het aanraken van een van ballen - door welke
oorzaak ook - met de hand, keu, das, kledingstuk (jaspand) of welk voorwerp ook.
De speler die een bal toucheert, is zijn beurt kwijt en zijn tegenstander mag
verder spelen. Is een bal door het aanraken verplaatst, dan moet hij blijven
liggen waar hij terecht is gekomen.
Biljarderen (vuile stoot)
Hieronder verstaat men dat de pomerans van de keu nog met de speelbal in contact
is als de speelbal de tweede bal of een band raakt. In dit geval is de
(eventuele) carambole ongeldig en is de tegenspeler aan de beurt.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Bandstoten |
|||||||||||||||||||
Voor het bandstoten gelden exact dezelfde spelregels als bij het Libre-spel, echter met de uitzondering dat 'n carambole pas geldig is als voor het raken van de derde bal, met de speelbal, minimaal één band is geraakt. Een losse bandstoot is dus ook toegestaan.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Driebanden |
|||||||||||||||||||
Ook voor het driebandenspel gaan we in principe uit van de
basisspelregels van het Libre-spel. De speelbal moet echter alvorens de derde
bal te raken, minstens driemaal een band of banden geraakt hebben om een geldige
carambole te maken. Ook de losse bandstoot is geoorloofd. Bij vastliggen mag de
speler, net als in her Libre-spel kiezen tussen het aanspelen van een niet
vastliggende bal, het spelen van een losse bandstoot, of de vastliggende ballen
op de acquit stip te laten plaatsen. Hierbij gelden wel andere regels als in het
Libre-spel. Alleen de vastliggende ballen, of eventueel de bal(len) die uit het
speelveld zijn gestoten, worden op de acquit stippen geplaatst en wel in de
volgende opstelling. De speelbal gaat op de middelste acquit stip van de
afstootlijn, de speelbal van de tegenstander op de midden acquit stip van het
biljart en de rode bal op de midden acquit stip van de bovenlijn. (Let op:
alleen de vastliggende of de bal(len) die op de grond liggen worden op de
bestreffende stippen geplaatst!)
Indien een speler zijn stootbal uit het speelveld stoot (het hout raakt of de
bal op de grond terecht komt) is dit een foute stoot.. De volgende speler is aan
de beurt.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Tien over rood |
|||||||||||||||||||
Voor dit spel worden verschillende spelregels gehanteerd. Spreek dit duidelijk voor aanvang van het spel af, om ongenoegen tijdens het spel te voorkomen. Het de bedoeling om 10 caramboles te maken, waarbij eerst de rode bal wordt geraakt.
Als een speler
tijdens zijn stoot de rode bal mist of eerst de witte bal raakt dan zijn
er 2 opties in de regels. Bij het ene spel raakt hij alleen de serie caramboles
kwijt van de betreffende stoot, bij het andere spel zijn totaal behaalde punten.
(scorebord voor de betreffende speler op 0) Hierbij geldt wel dat als een speler
7 punten op het bord heeft staan, dat hij een beschermde positie krijgt en deze
punten niet meer kan verliezen. Alle spelers spelen met dezelfde stootbal. Over
het algemeen wordt er doorgespeeld tot er een verliezer is.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Tien van de gemakkelijke |
|||||||||||||||||||
Dit lijkt
eenvoudig, maar kan nog aardig tegenvallen. Het is de bedoeling om in 1 (één)
beurt 10 caramboles te maken, waarbij men gebruik mag maken van alle ballen. Men
stoot steeds met de bal die op dat moment in de makkelijkste positie ligt. Dit
mag ook de rode bal zijn! Het gevaar in dit spel is dat men vaak vergeet om de
makkelijkste bal te nemen, omdat men gewend is om altijd met dezelfde bal te
spelen. Alle stoten in dit spel zijn geoorloofd, echter geen biljarderen (vuile stoot)
of ballen uit het speelveld spelen. Iedere speler begint zijn eerste beurt vanaf
acquit. Let op! er mach ook met de rode bal begonnen worden! Er wordt doorgaans
gespeeld tot er een verliezer is, die dan een rondje moet geven.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Veertig(40)gen |
|||||||||||||||||||
Dit populaire caféspel wordt over door 2 koppels gespeeld (1, 2 of 3 personen) en bestaat uit 3 spelvarianten. De normale spelregels van betreffende spelvariant worden gehandhaafd, echter van ieder team gaat er 1 speler van acquit. Dus geen gelijkmakende nabeurt. Eerst worden er 25 Libre caramboles gemaakt en de speler die voor zijn team de 25 carambole scoort mag dan in het algemeen de volgende spelvorm kiezen, 10 over rood of 10 bandstoten.(Dit kan ook voor aanvang van het spel worden bepaald). Dit team begint aan de nieuwe spelvariant, terwijl het achterstaande team eerst zijn Libre spel af moet maken. Het spel wordt beëindigd met 5 driebanders.
Het beginnende team speelt met de witte bal en het andere team met de gemerkte of gele bal.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Honderd(100)en |
|||||||||||||||||||
Dit spel wordt met
4 ballen gespeeld. Men gebruikt naast de 3 standaars ballen ook nog een blauwe
bal. Ook hier spelen alle spelers met dezelfde (gele of gemerkte) speelbal.
Maakt men een carambole door de witte bal en de rode of blauwe bal te raken telt
dat voor 1 punt. Een carambole op de rode en de blauwe bal levert 4 punten op.
Een carambole waarbij men alle 3 de ballen raakt is goed voor 20 punten. Men
spreekt op voorhand af naar hoeveel punten men speelt (100, 200, 300, ...).
Het is de bedoeling dat men precies op 100 uitspeelt. Indien men met een serie
hier overheen komt, mag men de gehele serie niet noteren. Een variant hierop is
ook wel dat men bij het passeren van het afgesproken 100-tal door moet spelen
naar een volgend 100-tal.
Voor de afstoot worden de rode en blauwe bal op linker en rechter boven acquit
stip geplaatst, de witte bal op de midden acquit en de gele of witte stootbal op
onder midden acquit. Dit spel kan met meerdere spelers gespeeld worden en dan
valt diegene die op 100 uitspeelt steeds af. De verliezer blijft over.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Een telefoonboekje |
|||||||||||||||||||
Dit spel wordt met
minimaal 3 personen gespeeld, maar hoe meer deelnemers, hoe meer plezier. Elke
speler zet 5 munten in. In het midden van het biljart worden 1 of 2
telefoonboeken geplaatst, welke tijdens het gehele spel niet meer aangeraakt
mogen worden. Bij 2 boeken worden ze iets verspringen geplaatst, Op de boven-
en beneden acquit worden de gele (of witte) en rode bal geplaatst. Iedereen
speelt met de gele of witte bal en probeert rechtstreeks of via de band de rode
bal te raken. Als dit lukt, gaat de beurt over naar de volgende speler. Slaagt
men er niet in om de rode bal te raken, dan dient de speler 1 munt op het
telefoonboek te laten vallen. De opzet van het spel is om de rode bal te raken
en dan de ballen zo uit te laten lopen dat het voor de volgende speler een
probleem wordt om de rode bal te raken. De winnaar van het spel is degene die
als laatste overblijft en deze mag de munten van het biljart verzamelen.
Het spel wordt op allerlei manieren bemoeilijkt, onder anderen omdat men het
telefoonboek op geen enkele manier mag aanraken, niet met de hand en ook niet
met de keu. Daarnaast moeten munten die van het telefoonboek
vallen (doordat er ballen tegenaan worden gestoten) op het laken blijven liggen.
Dit brengt een extra handicap in het spel.
|
|
|
||||||||||||||||||
|
Meerdere spelvarianten volgen |
|||||||||||||||||||